Naar de inhoud
Kas met rijen tomatenplanten. Een medewerker in een witte wegwerpoverall met capuchon, chemicaliënhandschoenen, laarzen en halfgelaatsmasker spuit het gewas met een lans.

Toepassingen

Wegwerpoverall voor landbouw en gewasbescherming

Hier staat de eis niet in een norm of een arbocatalogus, maar op het etiket van het middel. En dat etiket is wettelijk bindend.

Het etiket is de wet

De NVWA is er ondubbelzinnig over: "U moet de middelen gebruiken volgens het wettelijk gebruiksvoorschrift. Dit staat op het etiket of in de bijsluiter." Het Ctgb, dat de toelating verleent, omschrijft dat voorschrift als vergelijkbaar met de bijsluiter bij medicijnen: daarin staan de toegelaten toepassingen, de gebruiksvoorschriften en de voorgeschreven maatregelen ter bescherming van mens, dier en milieu.

Twee dingen die daaruit volgen en die vaak worden gemist. Ten eerste gelden voor de professionele gebruiker vaak strengere regels dan voor de particulier, bijvoorbeeld het dragen van beschermende kleding tijdens het aanmaken en gebruik. Ten tweede verandert een gebruiksvoorschrift bij herbeoordeling: de toelatingendatabank van het Ctgb is leidend boven een oud etiket in de schuur. Een toegelaten middel herken je aan een toelatingsnummer van vier of vijf cijfers gevolgd door een N.

Het etiket noemt zelden een type

Wij hebben geen Nederlandse bron gevonden waarin een wettelijk gebruiksvoorschrift een type 3, 4, 5 of 6 voorschrijft. Doorgaans staat er "beschermende kleding" zonder normnummer. Wie je vertelt dat er voor gewasbescherming één juist type is, vult iets in wat op jouw etiket niet staat. Lees dus het etiket en het veiligheidsinformatieblad van het middel dat jij in handen hebt, want het verschilt per middel.
Wat er bij gewasbescherming geldt, en waar het staat
Wat er geldtWaar het staatSoort
Gebruik volgens het wettelijk gebruiksvoorschrift op het etiket, inclusief de voorgeschreven beschermingsmaatregelenToelating door het Ctgb, toezicht en handhaving door de NVWAWet
Bewijs van vakbekwaamheid (spuitlicentie) voor wie professioneel toepastNVWA, waar de inspecteur op het bedrijf op controleertWet
Bij klaarmaken en mengen de maximale persoonlijke bescherming: volgelaatsmasker A2P3, spuitoverall, handschoenen en laarzen, tenzij het etiket anders zegtStigas, agrarische arbocatalogus, sector FruitteeltBranche
Bij werken in een nog nat gewas moet de huid bedekt zijn met beschermende kleding van vloeistofdicht materiaalStigas, agrarische arbocatalogusBranche
Beschermende kleding in de eerste 14 dagen na een bespuiting, ook bij droog gewas, als het etiket dat aangeeftStigas, agrarische arbocatalogus, in combinatie met het etiketBranche
Beschermingsmiddelen koel en stofvrij bewaren, en nooit waar de middelen staanStigas, agrarische arbocatalogusBranche
Een EN-type of normnummer op het wettelijk gebruiksvoorschriftNiet teruggevonden. Wij hebben geen volledige WG-tekst kunnen ophalen die naar een type of naar EN ISO 27065 verwijstNiet bevestigd

Schuif de tabel opzij voor de overige kolommen.

Wet:
staat in een besluit, regeling of verordening
Branche:
arbocatalogus of private standaard, vastgesteld door de sector zelf
Niet bevestigd:
wordt breed beweerd, maar wij vonden er geen bron voor

Het zwaarste moment is het mengen, niet het spuiten

De agrarische arbocatalogus van Stigas schrijft voor: "Zorg dat bij het klaarmaken / mengen van gewasbeschermingsmiddelen en biociden altijd de maximale persoonlijke bescherming wordt gedragen: volgelaatsmasker A2P3, spuitoverall, handschoenen en laarzen, tenzij er volgens het etiket geen beschermingsmiddelen hoeven te worden gedragen."

Dat is contra-intuïtief en het klopt: bij het mengen werk je met onverdund product, met open verpakkingen, en dan mors en spat je het meest. Bij de bespuiting zelf geldt dezelfde maximale bescherming, tenzij het veiligheidsinformatieblad het niet nodig maakt.

Stigas over de cabine
Cabine als beschermingMaximale persoonlijke bescherming kan ook met een trekker met gesloten cabine: ramen en deuren dicht tijdens het spuiten, bij voorkeur met overdruksysteem en koolstoffilter.
Cabine zonder koolstoffilter, of open trekkerDan is een halfgelaatsmasker een vereiste tegen de damp van de spuitnevel.
Waar het in de praktijk misgaatDe cabine wordt als vrijbrief gezien terwijl er een raam open staat, of het filter is niet op tijd vervangen.

Schuif de tabel opzij voor de overige kolommen.

Re-entry en herbetreding, het vergeten deel

Stigas onderscheidt twee situaties na een bespuiting. Herbetreding is een behandelde ruimte of een behandeld veld betreden, bijvoorbeeld om te controleren. Re-entry is werken in het behandelde gewas, met huidcontact met residu.

De regel: wacht in elk geval tot het gewas droog is. Moet je er echt in terwijl het nog nat is van de bespuiting, dan moet de huid voldoende bedekt zijn met beschermende kleding van vloeistofdicht materiaal. En geeft het etiket dat aan, dan geldt de plicht tot beschermende kleding in de eerste 14 dagen na de bespuiting, ook als het gewas droog is.

Die veertien dagen zijn het deel dat vrijwel nergens terugkomt, en ze veranderen de vraag: de overall is niet alleen voor de spuiter, maar ook voor de plukker.

De norm die hier wél voor geschreven is: EN ISO 27065

EN ISO 27065 stelt prestatie-eisen aan beschermende kleding voor wie pesticiden toepast en voor re-entry-werkers. Hij bestaat naast de gewone chemienormen om een reden die de normtekst zelf noemt: de gebruikelijke chemicaliëntests werken met pure stoffen, terwijl een spuitvloeistof een waterige verdunning met hulpstoffen is. Een certificaat op zwavelzuur zegt dus weinig over jouw spuitmengsel.

De norm kent drie niveaus, en ze stapelen: C2 voldoet ook aan C1, C3 ook aan C1 en C2.

EN ISO 27065, de drie niveaus
Niveau C1Voor een relatief laag risico. Geeft de minste bescherming en is niet geschikt voor geconcentreerde formuleringen. Bedoeld als basiskleding, met extra items erbij als het risico hoger is.
Niveau C2Meer bescherming dan C1, met een balans tussen comfort en bescherming. Ook niet geschikt voor geconcentreerde formuleringen.
Niveau C3Voor een hoog risico, en als enige geschikt voor zowel verdund als geconcentreerd middel. De norm waarschuwt er zelf bij voor hittestuwing en adviseert korte draagtijden.

Schuif de tabel opzij voor de overige kolommen.

Er loopt een brug naar de typewereld die een koper anders nooit legt: C2 gebruikt exact dezelfde volledige-pak-test als type 6 (ISO 17491-4 methode A) en C3 exact dezelfde als type 4 (methode B). Wie dus een C3-pak zoekt en het niet vindt, kan op de type 4-pakken letten, met de kanttekening dat de permeatietests van 27065 met een mengsel worden uitgevoerd en die van de chemienormen met een pure stof.

Op etiketten en productbladen kom je ook DIN 32781 tegen, de oudere Duitse aanduiding voor kleding bij gewasbeschermingsmiddelen. In ons eigen assortiment staat die bij de drie AlphaTec 2000-uitvoeringen: de Standard, de SOCO en de Ts Plus. Het is niet hetzelfde als EN ISO 27065.

Er is precies een artikel in ons assortiment dat EN ISO 27065 zelf in zijn conformiteitsverklaring heeft staan, en meteen op het hoogste niveau: de ChemDefend 310, niveau C3. Dat niveau is bedoeld voor het werk met een potentieel hoog risico, en de test erachter is streng: vijftien minuten met geconcentreerd middel en een uur met verdund middel, met een grens van een microgram per vierkante centimeter, gemeten op de stof en op de naad. Wie geconcentreerd middel afweegt of aanmaakt, koopt hier dus iets wat op precies die handeling is getest, in plaats van een pak dat het waarschijnlijk ook wel houdt.

Modellen voor spuit- en re-entry-werk

Wegwerp is in dit domein vooral gangbaar bij het mengen en vullen, waar met geconcentreerd middel wordt gewerkt en waar je besmette kleding niet mee naar huis wilt nemen. Controleer altijd eerst je etiket.

Vragen

Welke overall moet ik dragen bij het spuiten van gewasbeschermingsmiddelen?
Wat het etiket van het middel voorschrijft. Het wettelijk gebruiksvoorschrift is bindend en verschilt per middel. Controleer het in de toelatingendatabank van het Ctgb, want voorschriften veranderen bij herbeoordeling.
Staat er een EN-type op het etiket?
Meestal niet. Het wettelijk gebruiksvoorschrift spreekt doorgaans over "beschermende kleding" zonder normnummer. De norm die specifiek voor dit werk bestaat is EN ISO 27065.
Wanneer heb ik de zwaarste bescherming nodig?
Bij het klaarmaken en mengen, want dan werk je met onverdund product. De agrarische arbocatalogus noemt daar volgelaatsmasker A2P3, spuitoverall, handschoenen en laarzen.
Mag ik in een gesloten cabine zonder overall spuiten?
Een gesloten cabine, bij voorkeur met overdruk en koolstoffilter, kan volgens de arbocatalogus de maximale persoonlijke bescherming leveren. Ramen en deuren moeten dan dicht en de filters op tijd vervangen. Bij een open trekker of een cabine zonder koolstoffilter is een halfgelaatsmasker een vereiste.
Moet ik beschermende kleding dragen als ik na het spuiten in het gewas werk?
Wacht in elk geval tot het gewas droog is. Kan dat niet, dan moet de huid bedekt zijn met vloeistofdichte beschermende kleding. Geeft het etiket het aan, dan geldt de plicht tot beschermende kleding in de eerste 14 dagen na de bespuiting, ook bij droog gewas.
Is een spuitoverall hetzelfde als een wegwerpoverall?
Niet per se. Spuitoverall is de branchenaam voor het kledingstuk; wegwerp en herbruikbaar komen allebei voor. Welke variant bij welk middel hoort, volgt uit het etiket en het veiligheidsinformatieblad.
Waar bewaar ik mijn spuitoverall?
Koel en stofvrij, en nooit in de ruimte waar de middelen staan. Een overall die naast een lekkende jerrycan hangt, is zelf een blootstellingsroute.

Bronnen